
Een paar weken geleden sprak ik met Jaap Verduijn, veehouder in de polder bij Aarlanderveen. Sinds 1975 is zijn familiebedrijf hier gevestigd. Naast zijn melkveebedrijf zet hij zich al ruim dertig jaar actief in voor weidevogelbeheer.
Jaap groeide op in een tijd waarin weidevogelnesten nog vanzelf uitkwamen. Van intensivering van de melkveehouderij was nog geen sprake, de capaciteit was beperkt. Het maaien ging geleidelijk en met kleine machines.
In de loop der jaren veranderde het boerenlandschap drastisch. Meer koeien per hectare, hogere grondprijzen en toenemende financiële druk maakten melkproductie steeds bepalender. “Er moet gepresteerd worden wil het allemaal uitkomen,” vertelt hij. “Het is bedrijfseconomisch veel interessanter geworden om maximaal melk te produceren.”Toch koos Jaap een andere koers. Zijn bedrijf is biologisch en hij maakt bewust zijn eigen keuzes: niet groter, maar zorgvuldiger. Weidegang vindt hij belangrijk. Hoe eerder de koeien naar buiten, des te beter. Zo’n dertig jaar geleden volgde hij de cursus “Boer en Natuur.” Daar ontdekte hij, dat hij in de praktijk al een soort natuurboer was. “Veel dingen deed ik al goed, zoals gefaseerd maaien.” Door de opgedane kennis wordt de natuur vanaf dat moment anders ervaren. “Als je kennis hebt van de natuur dan zie je pas hoe mooi die is! Je beleving wordt zoveel groter!” Jaap raakte betrokken bij een lokale natuurvereniging en is daar inmiddels al jaren voorzitter.
Toch is het beeld veranderd. Waar Jaap vroeger veertig tot vijftig nesten op zijn land had, waren het er vorig jaar nog slechts twee. In de hele polder zijn in 2025 ongeveer 80 grutto’s, 64 tureluurs, 120 kieviten, 80 scholeksters en 30 zwarte sterns geteld - maar op zijn eigen percelen blijft het opvallend stil. Externe factoren beïnvloeden het succes! Het gedrag van de weidevogels veranderd. Zij clusteren zich in veiligere gedeelten van de polder. Bij gevaar trekken ze samen op om predatoren (natuurlijke vijanden) te verjagen.

Bijna alle lokale boeren doen mee aan weidevogelbeheer. Jaap doet op dit moment vrijwel alles wat binnen zijn mogelijkheden ligt om het weidevogelbeheer te optimaliseren. Hij maait nooit alles tegelijk en nachtmaaien is voor hem ondenkbaar. Tijdens het maaien markeert hij zelf gevonden nesten met een stok - een voordeel van een kleinere boer die overzicht heeft over zijn percelen en hier nog tijd voor heeft.
Bij aanwezigheid van kuikens worden last-minute afspraken gemaakt om twee, drie of zelfs vier weken later te maaien. Er zijn speciale beheerpakketten die de gederfde opbrengst compenseren. Om nesten heen maaien blijkt in de praktijk onvoldoende bescherming te bieden; voor de kuikens moet voldoende schuilmogelijkheid blijven tegen predatoren.
Met zijn biologische bedrijfsvoering doet Jaap als basis al heel veel voor de weidevogels: weidegang, mesthopen en groeitrappen trekken insecten aan. Slootkanten worden bloemrijk beheerd. Kruidenrijk grasland realiseren blijkt op veengrond lastiger te zijn - de bodem is te voedselrijk, het gras overheerst. De subsidie hiervoor noemt hij op deze grond “eigenlijk weggegooid geld”. Daarom legt hij de focus vooral op slootkantbeheer.
Daarnaast richt hij een klein plas-drasgebied in, waar regelmatig kuikens van elders komen foerageren. Er loopt ook een experiment met nieuwe nestplekken voor scholeksters: palen met schelpen in de sloot. Voor de zwarte stern legt hij vlotjes in het water als broedgelegenheid. Ook deze vogel heeft het erg lastig in Nederland om dezelfde redenen als geldt voor de weidevogels. Met het creëren van de genoemde nestgelegenheden, zijn de nesten van beide vogelsoorten minder goed bereikbaar voor roofdieren.
In de polder wordt sinds kort ook aan grondwaterdrainage gedaan om te voorkomen dat de bodem teveel uitdroogt. Dit komt ten goede aan de weidevogels omdat in drassige bodem makkelijker voedsel kan worden gevonden.
Toch overheerst frustratie en teleurstelling. Ondanks alle inspanningen van Jaap, heeft hij bijna geen weidevogels meer. De omstandigheden zijn prima, er zijn voldoende subsidie pakketten dit te realiseren, echter het beleid zorgt ervoor dat succes vooralsnog uitblijft. Het predatiebeheer is dramatisch te noemen. Volgens Jaap ligt hier een belangrijk probleem.
Ongeveer tien jaar geleden werden in de omgeving ooievaarspalen geplaatst, daarna is het aantal broedgevallen sterk teruggelopen. Tijdens het maaien verzamelen zich meerdere ooievaars op de percelen, die alles oppikken wat beweegt - ook jonge vogels.
Daarnaast zijn er vossen, kraaien, roofvogels en zelfs verwilderde katten. Beschermingsbeleid maakt ingrijpen complex. “Je doet alles goed, maar je hebt er geen grip op,” zegt Jaap.
Ook bedrijfseconomisch is er een spanningsveld. Een beheersovereenkomst betekent minder kwalitatief gras. De vergoeding is een compensatie, geen verdienmodel. Alles hangt samen met de melkprijs. Als die hoog is, kan natuurbeheer financieel niet uit.
Grote bedrijven maaien tegenwoordig in korte tijd enorme oppervlakten met zware machines. Vijftig hectare in één keer maaien is funest voor nesten en kuikens. Ook wordt frequenter gemaaid. Kleine boeren hebben meer flexibiliteit, dit komt ten goede aan de weidevogels. “Je moet niet te groot zijn, dan kom je nog op al je percelen en houd je overzicht,” aldus Jaap.

Voor de toekomst ziet Jaap vooral noodzaak tot beleidsverandering. Zolang bedrijven blijven groeien en schaalvergroting de norm is, ziet hij weinig verbetering voor de weidevogels.
Hij pleit voor het behouden van kleine boeren die echte weidegang toepassen en binding hebben met hun land. “Iedere boer die wordt opgeslokt door een grotere, is een aanslag op de biodiversiteit.”
Ook de regelgeving moet op de schop vindt hij, om niet in een vicieuze cirkel te belanden. Predatie moet sterk worden teruggedrongen.
Extra middelen zouden volgens hem gericht moeten worden ingezet op gebieden waar het nu goed gaat, om daar succes te versterken.
Meer informatie over kanoverhuur en andere activiteiten is te vinden op de website van zijn bedrijf: www.boerderijdevooruitgang.nl

© 2010 - 2026 Studio Gerard Klaasse Natuurfotografie | Realisatie: Kjoew
© 2010 - 2026 Gerard Klaasse Natuurfotografie
Realisatie: Kjoew